Europa laat deur voor nieuwe thermische wagens na 2035 open maar is nog niet technologieneutraal
OPINIE ENERGIA
We zijn verheugd dat de Europese Commissie, in zijn Automotive package, eindelijk erkent dat hernieuwbare brandstoffen, zowel biobrandstoffen als e-fuels, mogen bijdragen aan emissiereducties in nieuwe auto’s na 2035 onder de CO₂-normen. Het algemeen verbod van thermische wagens in 2035 is omgedraaid in 90% zero emissiewagens. Zorgt dit voorstel nu voor echte verandering in de praktijk of blijft ze grotendeels symbolisch? De deur voor hernieuwbare brandstoffen is weliswaar niet meer gesloten maar staat op een kier. Vandaag is die opening te klein. Hoewel hernieuwbare brandstoffen worden genoemd vanwege hun bijdrage aan emissiereducties, blijven ze vandaag beperkt tot 3% bij het versnellen van de decarbonisatie van het wegvervoer.
Laat me duidelijk zijn: Technologieneutraliteit wordt niet hersteld door louter 3% thermische/hybride wagens met hernieuwbare brandstoffen toe te laten; deze worden nog steeds niet op gelijke voet behandeld met andere decarbonisatietechnologieën die nog dominant worden geprivilegieerd.
De voorbijgestreefde en onvolledige uitlaatpijpbenadering blijft de CO₂-verordening domineren, waarbij nul-emissievoertuigen uitsluitend worden gedefinieerd als elektrische (of waterstof) voertuigen. In een levenscyclusanalyse benadering, die de volledige CO2 impact van een voertuig meet, bestaat een ‘zero-emissiewagen niet! Dit verhindert de auto-industrie om hernieuwbare brandstoffen daadwerkelijk te benutten bij het voldoen aan haar decarbonisatieverplichtingen.
Wij roepen dringend op tot de erkenning van de geleidelijke toename van de bijdrage van hernieuwbare brandstoffen met het oog op de decarbonisatie, in lijn met de Richtlijn Hernieuwbare Energie (RED). Daarnaast moeten broeikasgasdalingen met hernieuwbare brandstoffen, die onder de RED in aanmerking komen, als CO₂-neutraal beschouwd worden voor de berekening van brandstofkredieten.
Ja, er is vooruitgang geboekt. De deur voor thermische en hybride wagens op hernieuwbare brandstoffen is nu open na 2035. Maar dit is niet voldoende. Een geloofwaardig, lange termijn investeringssignaal om de opschaling van de productie van hernieuwbare brandstoffen te ondersteunen, ontbreekt nog steeds. De klok tikt niet alleen voor het concurrentievermogen van de Europese auto-industrie, maar ook voor de toekomst en de vooruitzichten van de Europese raffinage-industrie in haar geleidelijke transformatie naar de productie van hernieuwbare brandstoffen, die vandaag — en ook in de toekomst — strategisch zijn voor de bevoorradingszekerheid van Europa en van ons land in het bijzonder. Er is dringend behoefte aan een sterker en duidelijker kader om investeringen in de productie van hernieuwbare brandstoffen aan te moedigen, ter ondersteuning van niet alleen de decarbonisatie van het transport, maar ook die van de lucht- en zeevaart sectoren, die nog lang afhankelijk zullen blijven van hernieuwbare vloeibare brandstoffen.
Wim De Wulf
Secretaris generaal Energia